Wonen is te duur

Een koophuis is onbereikbaar geworden voor gewone mensen. Huurprijzen stijgen sneller dan lonen. Jongeren blijven noodgedwongen thuis wonen. Gezinnen worden de stad uit gedrukt. Dit is geen natuurverschijnsel: het is het gevolg van beleid dat grond behandelt als beleggingsobject in plaats van als gemeenschappelijk goed.

Er is een oplossing die eerlijk, bewezen en effectief is: de grondwaardebelasting.


Wat is het probleem?

De huizenprijzen in Nederland zijn de afgelopen twintig jaar explosief gestegen. Het gemiddelde koophuis kost nu meer dan vier keer het modale jaarinkomen. Tegelijkertijd zijn de bouwkosten veel minder hard gestegen. Het verschil zit hem in de grondprijs.

Grond is schaars, zeker in de Randstad. Niemand maakt midden in de stad nieuwe grond. Maar de waarde van grond stijgt door investeringen die de gemeenschap doet: wegen, scholen, OV, parken, ziekenhuizen. De eigenaar van de grond hoeft daar niets voor te doen, hij profiteert gratis.

Dit mechanisme zorgt ervoor dat:


Waarom stijgt de grondprijs?

De grond onder een huis in Amsterdam is honderdduizenden euro’s waard. Dezelfde hoeveelheid grond in een afgelegen dorp is bijna niets waard. Het verschil is niet wat de eigenaar heeft gedaan, het verschil is locatie, en locatie wordt waardevol door wat de samenleving eromheen bouwt.

Als de gemeente een metrostation aanlegt, stijgen de huizenprijzen in de buurt. Als er een park komt, stijgen ze. Als er goede scholen zijn, stijgen ze. De eigenaar van het huis heeft daar niets aan bijgedragen, maar vangt wel de volledige waardestijging.

Dit is een onverdiende winst: betaald door de gemeenschap, geïncasseerd door het individu.


De oplossing: grondwaardebelasting

Een grondwaardebelasting belast alleen de waarde van de grond, niet de gebouwen of verbeteringen die erop staan. Dit betekent:

Waarom werkt dit?

  1. Grond kan niet verplaatst worden. Je kunt fabrieken verplaatsen naar het buitenland, maar grond niet. Een grondwaardebelasting is daardoor niet te ontwijken.
  2. Het ontmoedigt speculatie. Als onbenutte grond evenveel kost als bebouwde grond, wordt het onrendabel om grond braak te laten liggen.
  3. Het stimuleert bouwen. Omdat gebouwen niet belast worden, is er geen straf voor investeren in woningen.
  4. Het is eerlijk. De waarde van grond is gecreëerd door de samenleving. Het is logisch dat die waarde terugvloeit naar de samenleving.
  5. Het verlaagt huizenprijzen. Als speculatie onrendabel wordt en grond efficiënt gebruikt wordt, daalt de grondprijs, en daarmee de huizenprijs.

Henry George en de vergeten oplossing

De grondwaardebelasting is geen nieuw idee. De Amerikaanse econoom Henry George (1839–1897) schreef er in 1879 over in zijn boek Progress and Poverty, dat een van de bestverkochte boeken van de 19e eeuw werd.

George stelde de fundamentele vraag: waarom bestaan armoede en rijkdom naast elkaar, juist wanneer de economie groeit? Zijn antwoord: omdat de winst van vooruitgang wordt opgeslorpt door stijgende grondprijzen, ten gunste van grondbezitters en ten koste van arbeiders en ondernemers.

Zijn oplossing was simpel: belast grondwaarde, niet arbeid. Dit idee werd gesteund door economen van links tot rechts, van Milton Friedman (“de minst slechte belasting”) tot Joseph Stiglitz en Albert Einstein.


Maar wordt er dan niet minder gebouwd?

Nee, juist meer. Een grondwaardebelasting belast alleen de grond, niet de gebouwen. Als je een leeg perceel hebt, betaal je evenveel belasting als je buurman met een appartementencomplex. Dat maakt het aantrekkelijk om te bouwen, niet om te wachten tot de grondprijs verder stijgt.

In landen waar varianten van grondwaardebelasting zijn toegepast, zoals in De VS, Estland, Denemarken, Singapore, en delen van Australië, zijn de effecten positief: meer bouw, minder speculatie, en stabielere huizenprijzen.


Is dit links of rechts?

Geen van beide, of allebei. De grondwaardebelasting wordt gesteund over het hele politieke spectrum:

Het is geen ideologisch voorstel. Het is een praktische oplossing, gebaseerd op meer dan een eeuw economisch onderzoek.


Wat als ik al een huis heb?

Een veelgehoorde zorg. Het antwoord:

De vraag is niet: “verlies ik iets?” De vraag is: “willen we een samenleving waarin de volgende generatie ook een thuis kan vinden?”


Wat kan de overheid nu doen?

  1. Voer een grondwaardebelasting in als vervanging van de OZB, dit kan onmiddellijk zonder de hoogte van de belasting te veranderen
  2. Schaf de overdrachtsbelasting af. Deze belasting bestraft verhuizen en arbeidsmobiliteit
  3. Belast leegstand en onbenut grondbezit zwaarder (al is dit met een grondwaardebelasting overbodig)
  4. Publiceer grondwaardecijfers per perceel, zodat het debat op feiten gebaseerd is
  5. Verlaag de inkomstenbelasting met de opbrengsten. Beloon werk, niet bezit

Een visie voor Nederland

Stel je een Nederland voor waarin:

Dit is geen utopie. Dit is wat er gebeurt als je het belastingstelsel baseert op economische logica in plaats van op historisch toeval.

Wonen is te duur. De grondwaardebelasting is de oplossing.


Wat kan ik doen?

Deel dit verhaal

Hoe meer mensen dit begrijpen, hoe sneller het verandert.

#wonenisteduur

Wil je politici direct aanschrijven? Bekijk de contactgegevens.

Verder lezen

Bekijk politici & contactgegevens →